Almond Blossom Cross

Daar lig ik dan, in de Portugese zon. Als enige met m’n lange broek en een jackje bij de hand, want ik vind ‘t soms toch een best fris windje.
Vandaag is de dag van de Almond Blossom Cross. Een wedstrijd die op mijn planning stond, maar waar ik uiteindelijk niet zou starten. Reden: ondanks dat de wedstrijd genoemd stond op de IAAF kalender als onderdeel van het internationale circuit (net als vorige week in Italië), kreeg ik te twee weken geleden te horen dat ik niet mocht starten omdat het een EK voor clubteams was.  Erg jammer, want ik loop hier graag en stond in het verleden al twee keer op het podium. In plaats van zelf lopen stond ik vanochtend, na mijn duurloop van 80 minuten, aan te moedigen. Het Nederlandse herenteam van Ciafla deed mee. En uiteraard wilde ik even de race van de dames zien.

Mijn eerst volgende wedstrijd zal nu het NKcross zijn. Tot een week voor dat NK blijf ik hier, in Portugal bij plus 15 graden. Met veel zonuren denk ik dat de trainingen een stuk makkelijker zullen draaien dan in de Nederlandse winter.

Afzien in de Cinque Mulini

Omdat het leuk is eens ergens anders te lopen. In een ander land, met een vreemde taal, waar het niet zo nauw komt met de tijd, andere tegenstanders en een onbekend parcours. Op veel vlakke buiten de comfortzone, dat maakt je, naar mijn mening beter als atleet en het is ook gewoon leuk!
Tijdens het lopen ging ik ook behoorlijk buiten mijn comfortzone. Het was slechts 5600 meter crossen en dus koppie er bij vanaf de start en constant hard lopen. Het eerste rondje “di Campo” ging nog wel okay, maar daarna werd er echt gasgegeven. De Afrikaanse atletes lagen snel los, maar samen met Jasmijn Lau liep ik in een mooi groepje. Het parcours voerde door weilanden, over slootjes, heel steile afdalingen en klimmetjes en door twee molens! In de middelste ronde “senza Mulini” zat ik nog in dat mooie groepje, maar ik had slecht positie gekozen. Bij de steilste afdaling zat ik achter een atlete die niet zo goed durfde te dalen en daardoor verloor ik de aansluiting met de groep. Vanaf nu was het nog moeilijker voor mij om dat tempo hoog te houden. De gaten waren niet extreem groot, maar ze waren er wel. In de laatste ronde “Giro completo”, gingen we door de molens. Echt een bijzondere belevenis. Ik had hierna even moeite om weer dat hoge tempo terug te pakken en denk dat ik daar tijd verloren ben op de dames voor me. Zo’n 600m voor de streep werd ik echter zo opgejaagd, door een veel te fanatieke trainer/vader doe meerende en z’n atlete/dochter naar voren schreeuwde! Dit maakte wel iets in mij los en ik zag het gat met de atleten voor me weer slinken, veel te laat natuurlijk! Maar wel wederom een sterk eindschot.
Het was afzien, maar ben tevreden en heb genoten vandaag hier te lopen. Hopelijk past het volgend jaar weer in m’n planning en mag ik /mogen wij terugkomen.

En nu door naar Portugal! Daar zal het toch niet ook sneeuwen?!

Goede start 2019!

Wat een editie van Egmond was dit nu toch? De wind was vrij krachtig, nou laat dat vrij eigenlijk maar weg. De wind was namelijk zo sterk dat ik tijdens het inlopen zo af en toe even naar links, rechts, voor of achter geblazen werd. Echt waar, ik overdrijf niet! Ik had er plezier in, al met het inlopen. Wegens de richting van de wind was ik niet bang om een groot deel van de race alleen te moeten lopen. Vorige week, hadden we verkend, toen stond de wind ietsje anders, maar daardoor wist ik wel waar ik hem vandaag mee of tegen kon verwachten. Bij de start stond in ieder geval in de rug en liepen we naar beneden, twee dingen die mij wel liggen. Met de wind meelopen is meer een kunstje dan je zou denken en heuvel af lopen is ook niet aan iedereen besteed.

Om 12.16u klonk het startschot, met een selecte groep dames gingen we aan dit avontuur beginnen. Ik startte niet hard, althans dat vond ik, maar ja wat ik al zei; “wind mee en naar beneden”. En dus lag ik, zonder het door te hebben al voordat we het strand opgingen (binnen 500m) los. Bram, mijn trainer riep nog: “niet te gek hè?!”. Oh, maar dat valt wel mee dacht ik. Maar op het strand liet ik toch eventjes het tempo zakken. Eventjes, want ze kwamen me niet snel genoeg en de wind stond m.i. prima om alleen te lopen en dus liep ik op een comfortabel ontspannen tempo over het strand. Achteraf hoorde ik dat in de groep achter mij niemand op kop wilde lopen en het tempo gedrukt werd. Ik dacht alleen maar, “dit is mijn kans, uitbuiten waar je goed in bent.” Ik genoot met volle teugen en liep zeker weten niet op het randje, maar liep wel verder uit op de groep. Prima, want die voorsprong verwachtte ik op de wind tegen stukken wel nodig te zijn. Ik geloof dat de eerste Afrikaanse dames mij op 12 of 13km voorbij kwamen. Natuurlijk probeerde ik even aan te haken, maar hun loopvermogen was toch een beetje beter dan het mijne. Niet veel later kwam de derde en laatste Afrikaanse me voorbij. Ik bleef gewoon m’n ding doen. Goede cadans lopen, vooral profiteren van de windluwe of windmee gedeelten en zo goed mogelijk hoog ritme lopen tegen de wind in. De wind was echter te sterk, soms kon ik m’n lijn ook niet houden. Knap van die Afrikaanse dames die niet veel zwaarder dan mij zullen zijn. Op 16, 17 of 18km kwam Ruth van der Meijden mij bijhalen. Natuurlijk haakte ze eerst even aan. En ik wilde niet laf zijn dus bleef gewoon lopen, ook tegen mijn vriend “de wind”. Met een korte maar goede versnelling pakte Ruth een gaatje op mij, zoals dat vaak bij mij gaat moest ik even schakelen voor ik hierin mee kon, maar daarna kon ik het gaatje weer iets dichten, tot we de Bloedweg opgingen. 6% klimmen en vol tegen de wind in. Ik kwam nauwelijks vooruit. Ik gaf me echt niet zomaar gewonnen, ondanks dat die laatste kilometers best veel wind tegen was. Wat best veel? Heel veel, vooral dat laatste stuk. Logisch want met de start gingen we deze weg tegengesteld en was hij mee. Het was dus zwaar die laatste meters. Tel daarbovenop dat ik, zij het heel bewust, nog weinig hardloopkilometers heb gemaakt. Die combi voelde ik aan het einde vooral. Maar niet getreurd. In tegendeel! Ik ben zeer tevreden met mijn race. En al liep het bij toeval zo, eerlijk gezegd was dit scenario ook het beste wilde ik hoog eindigen vandaag.

Ik heb genoten en ben tevreden met deze goede start van 2019. Dat het een mooi jaar mag worden!

Soest 2018

De laatste race van het jaar. Yes, ik had er zin in! Hoewel ik enigszins opzag tegen de korte afstand van de lange cross, slechts 6km. Maar goed dat is altijd zo in Soest en meestal loop ik toch best wel goed.
Net als twee weken geleden, bij de Netlcross, deed ik een lange en vrij intensieve warming-up, in de hoop hierdoor sneller in m’n ritme te komen. Tot het moment dat ik m’n spikes aantrok voelde ik me sterk en fit, maar plots was het of ik ziek ging worden. Ik voelde totaal niet prettig en vroeg me af of ik wel moest lopen. En toen dacht ik aan de woorden van schaatscoach Jillert Anema gisteren: …” allergisch voor adrenaline…” Bram, mijn trainer, zei voor de start: ” Esmee Visser (schaatster) voelde zich ook niet fit en ze won wel. En zo was t ook. Ik laat zomaar niet de kop hangen! Gewoon m’n eigen race lopen. Mijn start wad goed, dacht ik. Maar toen ik na 200m enkele aanmoedigingen hoorde, hoorde ik namen van meiden waarvan ik dacht:”oh, die startten goed.”
Het werd dus een inhaalrace, maar dat kan ik en de gaten waren te overzien. Echter was daar wen dikke dennenappel die mijn looen enigszins onplezierig maakte. Toen het einde van de eerste ( van 3×2km) ronde ten einde liep was ik tot het groepje gekomen waar ik bij wilde, vrij gemakkelijk. Ik besloot dat dit het moment was om te stoppen, die dennenappel te verwijderen en mijn race te vervolgen. En ik dacht aan Mathieu van der Poel, die na z’n val gister zich herstelde en zich niet liet kennen. Ik liet de kop ook niet hangen. Focuste op mijzelf en m’n eigen race rennen. En dat lukte goed! Ik bleef maar inhalen en in de tweede helft van de laatste ronde kreeg ik zelfs het podium inzicht. Maar ik kwam net te kort voor dat podium. 4e op, wat zal het geweest zijn, een ar lengte?, van de nummers 2 en 3. Ik stortte ter arde, want vooral dat laatste stuk had ik goed gegeven. Potverdorie zeg, wat als … die verrekte dennenappel net als vorige week (training op het parcours) gewoon aan de boom was blijven hangen!?! Grrr… dan was de race voor mij heel anders gelopen, dat is een ding dat zeker is. Desalniettemin ben ik tevreden met hoe ik mezelf heb herpakt en de race zo kon opbouwen. Zo zie je maar dat een snelle start niet persé noodzakelijk is voor een goede wedstrijd / uitslag.
Een mooie afsluiter van 2018. Op naar het nieuwe jaar waarin dromen waarheid worden.
Maar nu eerst vingers gekruist, opdat ik niet echt ziek ga worden.

Het jaar is alweer bijna om, tijd voor een korte terugblik.

Dit jaar veroverde ik twee Nederlandse titels. Op de cross prolongeerde ik m’n titel en op de halve marathon liep ik voor het eerst sinds 2013 weer het NK mee. Het leuke is nog dat ik pas een paar weken voor die halve marathon wist dit het NK was. Dat kun je je misschien niet voorstellen, maar het is echt zo. Ik wilde gewoon weer eens een halve lopen, wist uit het verleden dat de Venloop een leuke wedstrijd is en dus meldde ik me aan. En pas veel later ontdekte ik dus dat dit het NK was voor 2018.

Naast deze gouden plakken pakte ik ook de overal winst in het Nationale crosscircuit. Mooi, waant door m’n NK titel en winst in het crosscircuit was ik voorgeselecteerd voor het EKcross in december.

Na het NK halve marathon, in maart, nam ik drie weken looprust. Het systeem even resetten en met frisse benen en heel veel zin kon ik in april starten met de voorbereiding op mijn hoofddoel voor dit jaar: de marathon op het EK. Helaas startte mijn voorbereiding anders dan gepland. Door een val in huis, op de laatste dag van m’n looprust!, kreeg ik pijn aan mijn achillespees. Voor het eerst in m’n leven! De moed zonk niet in de schoenen, want in 2015 (Olympische Limiet) startte ik ook met gedwongen alternatief trainen. De aanloop naar het EK was dus niet vlekkeloos, maar vanaf dat ik m’n eerste duurloop buiten weer had gemaakt (1juni) voelde ik me echt super sterk. Ik liep in de trainingen makkelijker harder dan ooit en dat gaf natuurlijk veel vertrouwen. Wedstrijden liep ik niet in de aanloop, om geen risico’s te nemen, maar voor een marathon ben ik niet persé wedstrijden nodig om in vorm te komen. Mijn vorm was echt goed! Ik wist dat ik een medaillekandidaat was en ik was voorbereid op een zware race. Maar toen, wederom pech! Al in de eerste ronde van 10km heb ik mij verstapt. En dusdanig dat ik steeds meer pijn kreeg aan mijn voet, vooral bij het door de bochten lopen. Dit was geen doen. En toen kwam de moeilijkste, maar beste beslissing voor dat moment, ik stapte uit. Onbeschrijvelijk hoe dat je je dan voelt. Na een kleine week wandelde ik weer pijnvrij en een paar dagen later ging ik weer rennen. Niet 100% klachtvrij, maar goed genoeg om te gaan voor revanche in de marathon van Berlijn. Ik had immers nog 4 weken. Fysiek was ik nog steeds in goeden doen. Ik ging voor een tijd onder de 2.28.00 en een tactische race. Dat ik in 2.32. finishte en me de dagen er na voelde of ik 10km gelopen had, dat hadden we (mijn team en ik) nooit kunnen denken. Achteraf zeg ik, mentaal was de klap van het EK zo groot, dat heeft zoveel mentale energie opgeslurpt dat ik me niet meer concentreren kon op de wedstrijd. Balen, maar ook blij dat ik door te finishen een hoofdstuk kon afsluiten. Na 3,5 weken looprust zou ik weer starten met minutenloopjes, maar bij de eerste pas voelde ik al dat dat niet ging. De klachten die ik tijdens het EK had waren er nog. Tsja, misschien was het minder hersteld dan ik voelde toen ik in Berlijn liep en was de marathon toch iets te veel voor m’n voet. Dus startte ik wederom met alternatief trainen, maar niet te gek. Eigenlijk maakte ik van de gelegeneheid gebruik mijn rustperiode iets te verlengen. Beter fit aan een Pré Olympisch jaar starten dan halfbakken. Zo werd de aanloop naar de Warandeloop (25november), EKcross kwalificatie wel erg kort. Pas vijf weken was ik weer aan het lopen, maar eigenlijk was de conditie best wel heel erg goed. Dat zou je niet denken als je me zag lopen. Zo slecht kwam ik in geen tijden uit de verf op een cross. In eerste instantie weet ik dit toch aan te weinig loopkilometers en daardoor een te instabiele basis, maar toen ik de dag na de wedstrijd koorts had dacht ik daar toch iets anders over. Na twee dagen koorts (gevoel) en heeeeeel veel slapen voelde ik me een ander mens. Geen EKcross dus, maar in datzelfde weekend was er ook een wedstrijd op het parcours van het aankomende NKcross (24feb 2019). En zo hé wat liep ik hier weer sterk. Echt. In deze vorm had ik iets te zoeken gehad op het EK, maar ja… Met veel pijn in mijn hart ging ik wel naar Beekse Bergen om de Nederlandse atleten aan te moedigen.

En nu nog één wedstrijd op het programma, 31 december. Traditiegetrouw sluit ik mijn jaar af tijde s de Sylvestercross in Soest. Hopelijk kan ik hier een punt zetten achter een jaar vol pech en ongelukkige momenten.

2019 gaat een mooi jaar worden, met als hoogte punt de Olympische- marathonlimietrace in het najaar! Ik nodig iedereen van harte uit om dit bijzondere jaar op de voet te volgen. Dat volgen kan vanaf de zijkant, door het lezen van mijn website en andere socialmedia, maar je beleeft mijn sport pas echt van dichtbij als je je aanmeldt als supporter of sponsor. Vanaf een klein bedrag kun je een belangrijke financiële ondersteuner van mijn sportloopbaan worden en reis je bijna letterlijk mee naar mijn Olympische limietrace en mijn tweede Olympische Spelen!

Alle huidige supporters en sponsoren als ook iedereen in mijn begeleidingsteam en directe omgeving: BEDANKT voor jullie STEUN, VERTROUWEN en GEDULD in welke vorm dan ook.